Vergelijking van wettelijke vereisten: de Machinerichtlijn versus de Machineverordening
1.1.6 Ergonomie
Wijzigingen
De eisen worden aangescherpt doordat "moet worden geëlimineerd of tot een minimum worden beperkt" de formulering "moet tot een minimum worden beperkt" vervangt
Nieuw vereiste: "Dat belastende werkhoudingen of -bewegingen en fysieke krachtinspanningen die de capaciteit van de operator overschrijden, worden vermeden."
Nieuw vereiste: "Dat de mens-machine-interface wordt aangepast aan de voorzienbare eigenschappen van de operators, ook wanneer het gaat om een machine of een bijbehorend product met beoogd geheel of gedeeltelijk zelfontwikkelend gedrag of logica, ontworpen om te functioneren met een wisselende mate van autonomie."
Nieuw vereiste: "In voorkomend geval een machine of een bijbehorend product met beoogd geheel of gedeeltelijk zelfontwikkelend gedrag of logica, ontworpen om te functioneren met een wisselende mate van autonomie, zodanig aan te passen dat deze op passende wijze op mensen reageert (bijv. door middel van spraak of door gebaren, gezichtsuitdrukkingen of lichaamsbewegingen) en de operators op begrijpelijke wijze informeert over zijn geplande handelingen (bijv. wat hij zal doen en waarom)."
Voorstellen voor maatregelen
Zorg ervoor dat ergonomische risico's niet alleen worden verminderd, maar waar mogelijk worden geëlimineerd, en dat dit is gedocumenteerd in de risicobeoordeling
Verifieer dat werkhoudingen, bewegingen en krachtvereisten worden geanalyseerd en dat er oplossingen zijn om te voorkomen dat de capaciteit van de operator wordt overschreden
Controleer dat ergonomische analyses reële gebruiksscenario's omvatten (incl. variatie in operators)
Zorg ervoor dat de mens-machine-interface is aangepast aan de voorspelbare eigenschappen van de operator (bijv. begrip, reactie, gedrag)
Als de machine zelfontwikkelend gedrag of enige mate van autonomie heeft:
Verifieer dat de interface is ontworpen om begrijpelijk en voorspelbaar te zijn voor de operator
Controleer dat de machine haar geplande acties op een begrijpelijke manier kan communiceren
Zorg ervoor dat de machine op een passende manier kan reageren op menselijke aanwezigheid en gedrag (bijv. via signalen, bewegingen of andere interactievormen)
Verifieer dat deze functies zijn getest en gevalideerd vanuit een ergonomie- en veiligheidsperspectief
Wettekst van de Machinerichtlijn
1.1.6 Ergonomie
Ongemak, vermoeidheid en fysieke en psychische belasting waaraan de bediener onder de beoogde gebruiksomstandigheden kan worden blootgesteld, moeten tot een minimum worden beperkt, met inachtneming van ergonomische beginselen, zoals bijvoorbeeld
dat rekening wordt gehouden met variaties in lichaamsbouw, kracht en uithoudingsvermogen van bedieners,
dat de bediener voldoende bewegingsruimte heeft, zodat hij/zij alle lichaamsdelen kan bewegen,
dat wordt vermeden dat het werktempo door de machine wordt bepaald,
dat bewaking die langdurige concentratie vereist wordt vermeden,
dat de interface tussen mens en machine wordt aangepast aan de voorzienbare eigenschappen van de bedieners.
Lees meer
Wettekst van de machineverordening
1.1.6 Ergonomie
Ongemak, vermoeidheid en fysieke en psychische belasting waaraan de bediener kan worden blootgesteld onder de beoogde gebruiksomstandigheden, moeten worden geëlimineerd of tot een minimum worden beperkt met inachtneming van ten minste de volgende ergonomische beginselen:
a) Er wordt rekening gehouden met variaties in lichaamsbouw, kracht en uithoudingsvermogen van de bediener.
b) Zware werkhoudingen of -bewegingen en fysieke inspanningen die de capaciteit van de bediener overschrijden, worden vermeden.
c) De bediener krijgt voldoende bewegingsruimte, zodat hij/zij alle delen van het lichaam kan bewegen.
d) Vermijden dat het werktempo door de machine wordt bepaald.
e) Vermijden van bewaking die langdurige concentratie vergt.
f) De mens-machine-interface wordt aangepast aan de voorzienbare kenmerken van de bedieners, ook wanneer het gaat om een machine of een verwant product met bedoeld geheel of gedeeltelijk zelfontwikkelend gedrag of logica dat is ontworpen om met een variërende mate van autonomie te functioneren.
g) Indien van toepassing wordt een machine of een verwant product met bedoeld geheel of gedeeltelijk zelfontwikkelend gedrag of logica dat is ontworpen om met een variërende mate van autonomie te functioneren, zodanig aangepast dat het op passende wijze reageert op mensen (bijv. door spraak of door gebaren, gezichtsuitdrukkingen of lichaamsbewegingen) en de bedieners op een begrijpelijke wijze informeert over zijn geplande acties (bijv. wat het zal doen en waarom).
Lees meer
Har du några frågor? Kontakta oss