Zoeken...

Inhoudsopgave

Vergelijking van wettelijke vereisten: de Machinerichtlijn versus de Machineverordening

1.1.2 Principes voor integratie van veiligheid

Wijzigingen

- Toepassingsgebied wordt uitgebreid tot ook verwante producten
- Het begrip risicobronnen wordt ingevoerd en vervangt deels risico's
- Eliminatie van risicobronnen krijgt prioriteit boven minimalisering
- Eisen richten zich uitsluitend tot de fabrikant (gemachtigde vertegenwoordiger vervallen)
- Het begrip beschermingsmaatregelen wordt verduidelijkt en consequent gebruikt
- Nieuwe eis: veiligheidsfuncties moeten kunnen worden beproefd
- Nieuwe eis: testprocedures moeten worden gespecificeerd
- Eisen worden gewijzigd van "meegeleverd met" naar "zijn voorzien van" apparatuur en toebehoren.

Voorstellen voor maatregelen

- Zorg ervoor dat de risicobeoordeling "risicobronnen" (niet uitsluitend risico's) identificeert en aanpakt in alle fasen van ontwerp en vervaardiging

- Zorg ervoor dat het ontwerpproces aantoonbaar prioriteit geeft aan het elimineren van risicobronnen boven het beperken daarvan

- Verifieer dat alle beschermingsmaatregelen duidelijk zijn gedefinieerd, traceerbaar zijn en zijn gekoppeld aan de geïdentificeerde risicobronnen

- Zorg ervoor dat de verantwoordelijkheid voor naleving duidelijk bij de fabrikant is vastgelegd (niet gedelegeerd aan de gemachtigde vertegenwoordiger)

- Controleer of alle veiligheidsfuncties zodanig zijn ontworpen dat zij kunnen worden beproefd (praktisch testbaar zijn)

- Verifieer dat er gedefinieerde en gedocumenteerde procedures bestaan voor de beproeving van veiligheidsfuncties

- Zorg ervoor dat instructies voor de beproeving van veiligheidsfuncties in de gebruiksaanwijzing zijn opgenomen, waar dit vereist is

- Controleer of de machine is voorzien van alle noodzakelijke uitrusting en toebehoren voor veilige instelling, onderhoud, gebruik en beproeving

- Verifieer dat eventuele beproevingsapparatuur of bijzondere gereedschappen die nodig zijn voor veilige functietests worden meegeleverd of gespecificeerd

Wettekst van de Machinerichtlijn

1.1.2 Principes voor integratie van veiligheid

a) Machines moeten zo worden ontworpen en vervaardigd dat zij naar behoren kunnen functioneren en kunnen worden gebruikt, ingesteld en onderhouden zonder gevaar voor personen, wanneer deze handelingen worden uitgevoerd onder de voorzienbare omstandigheden en met inachtneming van redelijkerwijs voorzienbaar verkeerd gebruik.
Het doel van de genomen maatregelen moet zijn alle risico's uit te sluiten gedurende de verwachte levensduur van de machine, met inbegrip van transport, montage, demontage, buiten werking stellen en sloop.
b) Bij de keuze van de meest passende methoden moet de fabrikant of diens gemachtigde vertegenwoordiger de volgende principes in onderstaande volgorde toepassen:
— Risico's moeten zoveel mogelijk worden uitgesloten of verminderd (veiligheid wordt reeds geïntegreerd in de ontwerpfase en de fabricagefase).
— De noodzakelijke beschermingsmaatregelen moeten worden getroffen voor risico's die niet kunnen worden uitgesloten.
— De gebruikers moeten worden geïnformeerd over de resterende risico's als gevolg van tekortkomingen in de getroffen beschermingsmaatregelen, en er moet worden vermeld of specifieke opleiding vereist is en of persoonlijke beschermingsmiddelen moeten worden verstrekt.
c) Bij het ontwerp en de vervaardiging van een machine en bij het opstellen van de gebruiksaanwijzing daarvoor moet de fabrikant of diens gemachtigde vertegenwoordiger niet alleen rekening houden met het beoogde gebruik van de machine, maar ook met redelijkerwijs voorzienbaar verkeerd gebruik.
De machine moet zo zijn ontworpen en vervaardigd dat abnormaal gebruik wordt voorkomen indien dergelijk gebruik risico's oplevert. In voorkomend geval moet de gebruiker in de gebruiksaanwijzing worden gewezen op dergelijke ongeschikte gebruikswijzen die naar ervaring kunnen voorkomen.
d) Een machine moet zodanig worden ontworpen en vervaardigd dat rekening wordt gehouden met de beperkingen waaraan de bediener wordt blootgesteld als gevolg van het noodzakelijke of voorzienbare gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.
e) Een machine moet worden geleverd met alle speciale uitrusting en alle toebehoren die nodig zijn om een veilige instelling, onderhoud en gebruik mogelijk te maken.

Lees meer

Wettekst van de machineverordening

1.1.2 Principes voor de integratie van veiligheid
a) Machines of gerelateerde producten moeten zodanig worden ontworpen en vervaardigd dat zij op de beoogde wijze kunnen functioneren en kunnen worden gebruikt, ingesteld en onderhouden zonder gevaar voor personen, wanneer deze taken worden uitgevoerd onder de omstandigheden die zijn voorzien en tevens met inachtneming van redelijkerwijs voorzienbaar verkeerd gebruik.
Het doel van de genomen beschermingsmaatregelen moet zijn om alle risico’s uit te sluiten gedurende de verwachte levensduur van de machine of het gerelateerde product, met inbegrip van transport, montage, demontage, maatregelen om deze onbruikbaar te maken en afvoer als schroot.

b) Bij de keuze van de meest geschikte methoden moet de fabrikant de volgende beginselen in onderstaande volgorde toepassen:
i) De gevarenbronnen moeten worden uitgesloten of, indien dit niet mogelijk is, moeten de risico’s worden geminimaliseerd (de veiligheid wordt reeds geïntegreerd in de ontwerp- en fabricagefasen),
ii) Voor gevarenbronnen die niet kunnen worden uitgesloten, moeten de noodzakelijke beschermingsmaatregelen worden genomen.
iii) Gebruikers moeten worden geïnformeerd over resterende risico’s die voortvloeien uit ontoereikende beschermingsmaatregelen, en er moet worden aangegeven of speciale opleiding vereist is en of persoonlijke beschermingsmiddelen
moeten worden verstrekt.

c) Bij het ontwerpen en vervaardigen van een machine of een gerelateerd product en bij het opstellen van de gebruiksaanwijzing daarvoor moet de fabrikant niet alleen rekening houden met het beoogde gebruik van de machine
of het gerelateerde product, maar ook met redelijkerwijs voorzienbaar verkeerd gebruik. De machine of het gerelateerde product moet zodanig worden ontworpen en vervaardigd dat abnormaal gebruik wordt voorkomen indien dergelijk
gebruik risico’s oplevert. In voorkomend geval moet de gebruiker in de gebruiksaanwijzing worden gewezen op dergelijke onjuiste gebruikswijzen die naar verwachting uit ervaring kunnen voorkomen.

d) Machines of gerelateerde producten moeten zodanig worden ontworpen en vervaardigd dat rekening wordt gehouden met de beperkingen waaraan de bediener wordt blootgesteld door noodzakelijk of voorzienbaar gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen.

e) Machines of gerelateerde producten moeten zodanig worden ontworpen en vervaardigd dat het, waar van toepassing, voor de gebruiker mogelijk is de veiligheidsfuncties te beproeven. De machine of het gerelateerde product moet worden voorzien van alle bijzondere uitrusting en alle toebehoren en, waar van toepassing, van een beschrijving van specifieke beproevingsprocedures die noodzakelijk zijn om deze veilig te kunnen beproeven, afstellen, onderhouden en gebruiken.

Lees meer

Zoeken...

Inhoudsopgave